Auteursrecht  

IEF 5827

Go Diego Go

gdg.gifRechtbank ’s-Gravenhage 10 maart, KG ZA 08-28, Viacom International Inc. tegen H+L Creations B.V. c.s.

Charactermerchandising Spongebob, Dora en Diego. MTV exploiteert televisiezender Nickelodeon, waarop voornamelijk tekenfilms uit worden gezonden, waaronder die met de zogenoemde "characters" Spongebob (Squarepants), Dora (The explorer) en (Go) Diego (Go). MTV is rechthebbende op Gemeenschaps- en Beneluxmerken die betrekking hebben op genoemde characters Spongebob, Dora en Diego (namen en logo's). MTV en H + L zijn niet-exclusieve merchandiseovereenkomsten voor bepaalde tijd aangegaan met betrekking tot de characters, in twee overeenkomsten en een deal memo.

MTV stelt zich op het standpunt dat de merchandiseovereenkomsten met betrekking tot Spongebob en Dora zijn verstreken en de "gedoogverhouding" op basis van de deal memo met betrekking tot Diego is geëindigd. Vadobag beschouwt de verhoudingen eenzijdig als met een jaar verlengd en gaat door c.q. dreigt door te gaan met het (doen) produceren en aanbieden van merchandisingproducten voorzien van genoemde drie characters. 

MTV vordert in conventie een aantal merkenrechtelijke en auteursrechtelijke inbreukverboden met nevenvorderingen op straffe van dwangsommen. Vadobag stelt in reconventie dat sprake is van wanprestatie zijdens MTV, op grond waarvan zij schade lijdt. Deze schade wenst zij vergoed te zien in andere vorm dan geld en wel in de vorm van verlenging van een jaar van de drie ten processe centraal staande licentieverhoudingen. Vadobag vordert in reconventie een bevel om deze drie overeenkomsten nog een jaar na expiratie te doen continueren.

De Voorzieningenrechter acht zichzelf bevoegd met betrekking tot de merk- en auteursrechtelijke vorderingen in conventie (r.o. 4.1) en de vordering in reconventie (r.o. 4.2).

MTV wordt als rechthebbende op de betreffende tekenfilmseries beschouwd op grond van artikel 45d Auteurswet (r.o. 4.3)

De stelling dat MTV geen merkenrechthebbende zou zijn met betrekking tot tassen en stationary, met name omdat geen Spongebobmerkinschrijvingen voorhanden zouden zijn voor waren in klasse 18 wordt verworpen (r.o. 4.4). “De Niceclassificatie vormt geen maatstaf voor de beoordeling of sprake is van (soort)gelijkheid van waren. Naar MTV voldoende aannemelijk heeft gemaakt, zijn de betreffende characters aan te merken als bekende merken (…) Bovendien zijn de tassen en stationary die Vadobag op de markt brengt naar voorlopig oordeel minstgenomen aan te merken als soortgelijke waren als waarvoor de verschillende depots van MTV – ook voor het Spongebob-character – zijn verricht (althans van de waren en diensten die in de weergave van de merken in paragraaf 2 tussen haakjes zijn vermeld) en is gelet op de identiciteit van de verschillende merken en door Vadobag gehanteerde tekens sprake van verwarringsgevaar (…)”.

“4.5. De door het recht van de staat New York beheerste merchandiseovereenkomsten – die niet voorzagen in een (stilzwijgende) mogelijkheid tot verlenging – zijn van rechtswege beëindigd. Volgens de door MTV overgelegde legal opinion van een Amerikaanse advocaat toegelaten tot de New Yorkse balie zijn deze overeenkomsten geëxpireerd en kunnen deze niet eenzijdig door Vadobag op grond van door Vadobag gestelde (maar door MTV gemotiveerd betwiste) wanprestatie onder deze overeenkomsten met een jaar worden verlengd. Inhoudelijk heeft Vadobag deze opinion op zichzelf niet bestreden en zij heeft daar geen betoog naar het recht van de staat New York tegenover gezet – en daar al helemaal geen legal opinion van een terzake kundige jurist aan ten grondslag gelegd. Na de contractueel voorziene uitverkoopperiode van 90 dagen (inmiddels in beide gevallen verstreken) bestaat er mitsdien met betrekking tot Spongebob en Dora geen licentieverhouding meer tussen partijen.”

Met betrekking tot de deal memo, die evenmin voorziet in een (stilzwijgende) verleningingsmogelijkheid, geldt eveneens dat een eenzijdige verlenging is in beginsel niet mogelijk naar Nederlands recht, behoudens bijzondere omstandigheden (r.o. 4.6).

“4.8. Vadobag beroept zich nog op de in art. 98 lid 1 GMVo genoemde "speciale redenen" (…) om geen inbreukverbod op te leggen in dit geval. Zij ziet als redenen daarvoor de in haar ogen structurele tegenwerking/wanprestatie onder de licentieverhoudingen, beweerdelijk nadat zij zou hebben geweigerd schriftelijk toe te zeggen aan MTV dat ze niet langer "passief" in Frankrijk zou verkopen (hetgeen door MTV wordt betwist en overigens door Vadobag onvoldoende steekhoudend is substantieerd).

4.9. Dat wordt verworpen, alleen al omdat bedoelde tegenwerking/wanprestatie in dit
kort geding niet voldoende aannemelijk is gemaakt om een zo vergaande uitzondering als
het achterwege laten van een merkinbreukverbod te rechtvaardigen.”

Over de vordering in reconventie oordeelt de Voorzieningenrechter dat mogelijk sprake is (geweest) van wanprestatie van MTV (naar New Yorks recht voor wat betreft de Spongebob en Dora-overeenkomsten, naar Nederlands recht voor wat betreft Diego), maar dit vergt onder meer een onderzoek naar de mededingingsrechtelijke merites van de zaak die de perken van een kort geding als het onderhavige (ver) te buiten gaat. Ook de gestelde "vertragingstactiek" van MTV, zoals Vadobag dat noemt, bij de vereiste goedkeuring van merchandiseartikelen, is naar voorlopig oordeel onvoldoende hard gemaakt (r.o. 4.10).

De vordering in reconventie leent zich (ook) niet voor toewijzing in kort geding, omdat Vadobag in feite een verkapte verklaring voor recht in kort geding vordert dat zij vanwege de door haar gestelde wanprestatie gerechtigd is aanspraak te maken op eenzijdige verlenging van een jaar van de betreffende overeenkomsten. Zij stelt dat zij door deze wanprestatie schade heeft geleden die (alleen) passend geredresseerd kan worden anders dan in de vorm van geld (r.o. 4.11). Dat gaat volgens de Voorzieningenrechter veel te ver, alleen al omdat dit vanwege de aangevoerde grondslag in feite een (integrale) schadevergoeding in kort geding behelst. Spoedeisend belang daarbij is onvoldoende steekhoudend gesteld en door MTV terecht betwist. Bovendien is op grond van hetgeen thans is aangevoerd niet uit te maken of een schadevergoeding anders dan in geld wel passend is. Materieel is dit een kwestie die in een bodemprocedure thuishoort. Daar behoort niet in kort geding dit door Vadobag beoogde voorschot op genomen te worden – te meer daar de bodemprocedure voor wat de merchandiseovereenkomsten met betrekking tot Spongebob en Dora betreft conform de door partijen gemaakte forumkeuze gevoerd dient te worden voor de gerechten van de staat New York (r.o. 4.12).

De merk- en auteursrechtinbreukverboden worden toegewezen. Nu op grond van de eigen stellingen van Vadobag aannemelijk is dat zij merchandisingproducten met de characters verhandelt elders in Europa, bestaat naast het in beginsel pan-Europese Gemeenschapsmerkinbreukverbod en Beneluxwijd Beneluxmerkinbreukverbod voldoende grond voor een grensoverschrijdend auteursrechtinbreukverbod (Lincoln/Interlas).
Voorshands is voldoende aannemelijk te achten dat MTV ook naar het recht van de andere landen van de Europese Unie als auteursrechtexploitatiegerechtigde kan worden beschouwd, gelet op artt. 2 sub d, 3 lid 2 sub c jo. 4 van Ri 2001/29/EG (Auteursrechtrichtlijn), waarvan de implementatietermijn verstreek op 22 december 2002. Dat verbod zal worden beperkt tot de landen van de Europese Unie, nu MTV geen verderstrekkend verbod heeft beoogd.

Lees het vonnis hier.

IEF 5820

Niet bewezen export

Rechtbank Amsterdam, 28 februari , KG ZA 08-113 OdC/LW, Vonk tegen Stichting De Thuiskopie (met dank aan Hanneke Holthuis, Höcker).

Thuiskopiezaak. Handhaving beslagen. Import- en export blanco gegevensdragers. Relatie tussen gedaagden maakt betrokkenheid aannemelijk.

E-profits (eenmanszaak van eiser Vonk) levert via internet populaire consumentengoederen. De Energiebron (gedaagde 2) handelt (o.a.) in opslagmedia en geheugenproducten.

Direkt Supplies, een in België gevestigde onderneming, heeft een zestal facturen aan E-profits gestuurd voor blanco informatiedragers. E-profits heeft 40.640 blanco informatiedragers van Direkt Supplies afgenomen. De Energiebron heeft de dragers opgeslagen in haar bedrijfsruimte. Vonk heeft de heffing (ter waarde van EUR 31.976,00) niet aan Stichting de Thuiskopie betaald. Hierop heeft de Thuiskopie conservatoir beslag gelegd ten laste van Vonk. De door Vonk cs gevorderde opheffing van de beslagen wordt afgewezen.

Het argument van Vonk dat 40.387 van deze informatiedragers naar Duitsland zijn geëxporteerd, waardoor zij niet langer de heffing zou hoeven betalen, wordt niet gevolgd:

"Immers, niet is gebleken dat het bij de export naar de Duitse ondernemer gaat om de uit België geïmporteerde dragers. Ook uit de door Vonk c.s. overgelegde accountantsverklaring kan dit niet worden afgeleid (...). Hierbij dient te worden opgemerkt dat Vonk de informatiedragers, naar eigen zeggen, voor ruim EUR 20.000,00 heeft afgenomen van Direckt Supplies, terwijl zij voor de 40.387 dragers slechts EUR 10.000,00 heeft gefactureerd aan Heiner Lange. Het is onwaarschijnlijk dat zij genoegen heeft genomen met een verlies van ruim EUR 10.000,00. Bovendien is het niet wel verklaarbaar en daarom onnaannemelijk dat Vonk de van 2005 tot en met 2007 geïmporteerde goederen eerst in november 2007 heeft geëxporteerd, gelet op de technische ontwikkelingen met betrekking tot opslagmedia en de snelheid waarmee goederen verouderen." (ov 4.3)

Ook het verweer van de Energiebron dat de dragers slechts in de bedrijfsruimte van de Energiebron zijn opgeslagen, en dat zij verder niet betrokken zijn geweest bij de import, wordt niet gevolgd. De Energiebron handelt immers via internet op grote schaal in informatiedragers. Zij biedt exact dezelfde merken geluidsdragers aan als degene die Vonk heeft geïmporteerd. Daarbij komt dat Evenhuis de levenspartner van Vonk is en dat hij via Overzet indirect bestuurder is van de Energiebron.(4.4.)

Lees het vonnis hier.

IEF 5812

niet bewezen export

Rechtbank Amsterdam, 28 februari , KG ZA 08-113 OdC/LW, Vonk tegen Stichting De Thuiskopie (met dank aan Hanneke Holthuis, Höcker).

Thuiskopiezaak. Handhaving beslagen.

E-profits (eenmanszaak van Vonk) levert via internet populaire consumentengoederen. De Energiebron handelt (o.a.) in opslagmedia en geheugenproducten.

Direkt Supplies, een in België gevestigde onderneming, heeft een zestal facturen aan E-profits gestuurd voor blanco informatiedragers. E-profits heeft 40.640 blanco informatiedragers van Direkt Supplies afgenomen. De Energiebron heeft de dragers opgeslagen in haar bedrijfsruimte. Vonk heeft de heffing (ter waarde van EUR 31.976,00) niet aan Stichting de Thuiskopie betaald. Hierop heeft de Thuiskopie conservatoir beslag gelegd.

De door Vonk cs gevorderde opheffing van de beslagen wordt afgewezen. Het argument van Vonk dat 40.387 van deze informatiedragers naar Duitsland zijn geëxporteerd, waardoor zij niet langer de heffing zou hoeven betalen, wordt niet gevolgd:

"Immers, niet is gebleken dat het bij de export naar de Duitse ondernemer gaat om de uit België geïmporteerde dragers. Ook uit de door Vonk cs overgelegde accountantsverklaring kan dit niet worden afgeleid (...)Hierbij dient te worden opgemerkt dat Vonk de informatiedragers, naar eigen zeggen, voor ruim EUR 20.000,00 heeft afgenomen van Direckt Supplies, terwijl zij voor de 40.387 dragers slechts EUR 10.000,00 heeft gefactureerd aan Heiner Lange. Het is onwaarschijnlijk dat zij genoegen heeft genomen met een verlies van ruim EUR 10.000,00. Bovendien is het niet wel verklaarbaar en daarom onnaannemelijk dat Vonk de van 2005 tot en met 2007 geïmporteerde goederen eerst in november 2007 heeft geëxporteerd, gelet op de technische ontwikkelingen met betrekking tot opslagmedia en de snelheid waarmee goederen verouderen." (ov 4.3)

Ook het verweer van de Energiebron dat de dragers slechts in de bedrijfsruimte van de Energiebron zijn opgeslagen, en dat zij verder niet betrokken zijn geweest bij de import, wordt niet gevolgd. De Energiebron handelt immers via internet op grote schaal in informatiedragers. Zij biedt exact dezelfde merken geluidsdragers aan als degene die Vonk heeft geïmporteerd. Daarbij komt dat Evenhuis de levenspartner van Vonk is en dat hij via Overzet indirect bestuurder is van de Energiebron.(4.4.)

Lees het vonnis hier.

IEF 5810

Collectief regelen

Kamervragen met antwoord, nr. 1548. Antwoord op vragen van de leden Atsma en Van Vroonhoven-Kok (beiden CDA) aan de ministers van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap en van Justitie over controles door de Stichting Musicopy. (Ingezonden 1 februari 2008). O.a:

Vraag: Wat vindt u van het feit dat Musicopy tegen de afspraken in toch controleert? Bent u van plan maatregelen te treffen? Zo ja, welke?

Antwoord: De afspraak dat Musicopy voorlopig zou afzien van sommaties houdt verband met de andere afspraak dat Musicopy zich zal inspannen om met organisaties van muziekverenigingen overkoepelende licenties overeen te komen. Het is van belang dat partijen zoveel mogelijk overeenstemming bereiken over het afsluiten van collectieve licenties. Een collectieve licentie biedt voor alle betrokken partijen voordelen.(...) Ik heb daarom met Musicopy afgesproken dat zij, zolang er uitzicht op een collectieve regeling bestaat, terughoudendheid zal blijven betrachten en geen juridische consequenties zal verbinden aan het aangetekende schrijven. In het geval van de koren die in Hoorn optraden, is dat laatste ook niet gebeurd. Tevens heb ik er bij Musicopy op aangedrongen dat de inhoud van de brief zodanig wordt aangepast dat wordt benadrukt dat muziekverenigingen worden uitgenodigd om in overleg te treden over een licentie.

Lees alle vragen en antwoorden hier

IEF 5809

Eerst even voor jezelf lezen

1- Vzr. Rechtbank Utrecht, 12 maart 2008, LJN: BC6518, Unilever Nederland Foods Factories B.V. tegen Inproba B.V.

Samenvatting rechtspraak.nl: “Tegen de achtergrond van dit kort geding speelt een merkenrechtelijk geschil over het gebruik van de kleur geel op de bestaande verpakkingen van Inproba voor haar oosterse producten. In onderhavig kort geding is de vraag aan de orde of Inproba haar buiten rechte gedane toezegging, inhoudende dat zij de kleur geel op de verpakkingen Bami Goreng en Nasi Goreng zal wijzigen, correct is nagekomen.”

Lees het vonnis hier.

2- Gerechtshof Amsterdam, 6 maart 2008, LJN: BC6546, V/Consyst Participaties B.V. c.s. tegen  Liberty Global Europe N.V.

Samenvatting rechtspraak.nl: “Bekrachtiging vonnis rechtbank. Vervallenverklaring merk UPC van appellante wegens niet (normaal) gebruik sedert 1999. Geen geldige reden. Geen soortgelijke waren of diensten. Depots van geïntimeerde niet te kwader trouw. Appeldagvaarding uitgebracht voor implementatiedatum Handhavingsrichtlijn.”

Lees het arrest hier

3- Vzr. Rechtbank Haarlem, 6 maart 2008, LJN: BC6684, Vnu Media B.V. tegen Eventex B.V.

 “De voorzieningenrechter verbiedt Eventex zonder toestemming van VNU gebruik te maken van de concepten, merken, domeinnamen, website en (andere) intellectuele eigendomsrechten samenhangende met Digital Marketing Event, of zich op enigerlei (andere) wijze te presenteren als solo-organisator van dit evenemen.”

Lees het vonnis hier.

4- Vzr. Rechtbank Dordrecht, 21 februari 2008, LJN: BC4978, Top Finish B.V. c.s. tegen  [C] Beheer B.V. c.s.

Top Finish en (C) richten Top Finisch International op. Het komt de voorzieningenrechter het meest waarschijnlijk voor dat in een eventuele bodemprocedure tot vaststelling van de verdeling van de gemeenschap de handelsnaam Top Finish International (B.V. i.o.) zal worden toebedeeld aan Top Finish.

Lees het vonnis hier.

IEF 5802

Nadere voorlichting

dgcsc.gifRechtbank ’s-Gravenhage, 12 maart 2008, HA ZA 07-1555, Consolidated Shoe Company tegen Dolce & Gabbana Roermond B.V.

Litispendentie incident in schoenen-auteursrechtzaak. Aanhouding en comparitie wegens onduidelijkheid over parallelle Franse zaak.

Eiser CSC brengt onder het merk Palladium schoenen op de markt en verkoopt sinds eind december 2005 het model Palladium Bilbao. D&G brengt in haar lijn D&G Junior het volgens eiser CSC inbreukmakende model 'Low mini Boots - Farmstil' op de markt (afbeeldingen in het vonnis).

Volgens D&G zou de rechtbank zich echter (tijdelijk) van een oordeel over de gestelde auteursrechtinbreuk moeten onthouden. Zij beroept zich in dit verband op art. 27 EEX-Vo: Wanneer voor gerechten van verschillende lidstaten tussen dezelfde partijen vorderingen aanhangig zijn, die hetzelfde onderwerp betreffen en op dezelfde oorzaak berusten, houdt het gerecht waarbij de zaak het laatst is aangebracht zijn uitspraak ambtshalve aan totdat de bevoegdheid van het gerecht waarbij de zaak het eerst is aangebracht, vaststaat. Staat die bevoegdheid vast, dan verklaart het gerecht waarbij de zaak het laatst is aangebracht, zich onbevoegd.

De rechtbank houdt de zaak inderdaad aan, maar om andere redenen:

“4.5. De vraag is derhalve of tussen dezelfde partijen vorderingen aanhangig zijn die hetzelfde onderwerp betreffen. Niet duidelijk is of in de Franse procedure dezelfde onderwerpen in geschil zijn als in de onderhavige procedure. In de overgelegde dagvaarding uit de Franse procedure wordt in algemene zin een verbod gevorderd inbreuk te maken op de auteurrechten met betrekking tot de Bilbao-laars. Dit zou met zich kunnen brengen dat de Franse rechter zich ook dient uit te spreken over de rechtmatigheid van in andere landen (zoals Nederland) verrichte handelingen. Het is gelet op de stellingen en feiten in die zaak (welke de rechtbank niet bekend zijn) evengoed mogelijk dat de Franse rechter zich enkel dient uit te laten over in Frankrijk verrichte handelingen. Dat zou in ieder geval een verklaring kunnen zijn voor de eiswijziging van CSC. Of dat het geval is, blijkt niet uit de stukken. Omdat ook in de onderhavige procedure vooralsnog niet duidelijk is wie van welke inbreukmakende handelingen in welke landen een verwijt wordt gemaakt, kan de rechtbank geen antwoord geven op de vraag of het risico van tegenstrijdige uitspraken zich voordoet. Zij wenst op dit punt nader te worden voorgelicht.”

Dat de eisende partij in de Franse procedure en in de onderhavige procedure niet dezelfde vennootschappen zijn, houdt niet zonder meer in dat het beroep op litispendentie moet worden afgewezen. Daarvoor is van belang of deze vennootschappen voor de toepassing van art. 27 EEX-Vo moeten worden gelijkgesteld omdat -kort gezegd- hun belangen onlosmakelijk met elkaar zijn verbonden (HvJEG 19 mei 1998, zaak C-351/96).

Dat het i.c. ook niet duidelijk is in hoeverre de belangen van partijen onlosmakelijk met elkaar zijn verbonden is een extra reden voor nadere voorlichting en de rechtbank gelast daarom een comparitie van partijen. Uit proceseconomisch oogpunt zal de comparitie meteen ook worden benut voor een comparitie van partijen in de hoofdzaak. De rechtbank is immers hoe dan ook bevoegd te oordelen over de gestelde inbreuk op het niet-ingeschreven Gemeenschapsmodel en de slaafse nabootsing.

Lees het vonnis hier.

IEF 5798

De verlenging

Boekblad bericht dat de Stichting Leenrecht dit jaar ook vergoedingen wil gaan incasseren voor het verlengen van uitgeleende boeken. De Vereniging van Openbare Bibliotheken (VOB) daagt de stichting voor de rechter.

“Evert Slot, jurist bij de VOB: ‘De leenrechtvergoeding staat los van de duur van de uitleentermijn. Zo wordt er niet minder leenrecht betaald als iemand een geleend boek eerder terugbrengt. En ook niet meer als een boek te laat wordt ingeleverd.'  (…) Er is geen enkele juridische grond om voor zo'n gratis verlenging een extra leenrechtvergoeding te betalen. (…) De echte reden is dat het aantal uitleningen de afgelopen 15 jaar met 25 procent is teruggelopen. En daarmee ook de inkomsten van SL. (…) Het lijkt er op dat SL het verhogen van haar inkomsten als een heilig moeten beschouwt.'

Het was aanvankelijk de bedoeling van SL en VOB om het meningsverschil over de verlengingen voor te leggen aan de rechter in de vorm van een gezamenlijke proefprocedure. Het is evenwel niet gelukt om overeenstemming te bereiken over de randvoorwaarden van een dergelijke procedure. (…) De Stichting Leenrecht zal op een later tijdstip reageren op de zaak.”

Lees hier meer (alleen abonnee’s Boekblad) .

IEF 5796

Auteursrecht en de toekomst

Persbericht: “Amsterdam Wereldboekenstad presenteert het definitieve programma van het Internationale Auteursrecht Symposium dat op 21 en 22 april 2008 plaatsvindt in de nieuwe Openbare Bibliotheek in Amsterdam. Het symposium, met als titel The Book in the Internet Era: Copyright and the Future for Authors, Publishers and Libraries, is de eerste activiteit van het Amsterdam Wereldboekenstad programma dat op 23 april 2008 officieel van start gaat.

Internationaal gerenommeerde sprekers geven hun visie op de rol van het auteursrecht in het tijdperk van internet en vergaande digitalisering. Een onderwerp dat iedereen die betrokken is bij het boekenvak aangaat."

Lees het programma hier, aanmeldingsformulier hier, meer algemene informatie hier.  

 

IEF 5794

Einde van een tijdperk

anno1912.gifZojuist als hamerstuk afgedaan in de Eerste Kamer, hèt onderwerp voor de borrel in Zeist morgen: de Reparatiewet III Justitie (31.248). Met deze wet wordt het jaartal verwijderd uit de titel van de Auteurswet 1912 en zal de wet enkel nog worden aangeduid als Auteurswet. 

De reden voor het schrappen van het jaartal “1912” staat in de Memorie van Toelichting: “Die overbodige toevoeging wekt ten onrechte de indruk dat de wet in de loop der jaren niet veelvuldig aan technologische ontwikkelingen is aangepast”.  Bij het minste of geringste roepen dat een wet die uit 1912 dateert natuurlijk niet meer van deze tijd is, is er binnenkort dus niet meer bij. En voor uitgevers en auteurs: Auteursrechtvoorbehouden in publicaties niet meer klakkeloos copypasten uit eerdere uitgaven, eerst even 1912 uitgummen.

De formele wijziging betreft Artikel 52, dat na de inwerkingtreding als volgt zal luiden: “Deze wet kan worden aangehaald onder den titel ‘Auteurswet’.”

Lees hier meer.  

IEF 5788

Fait divers

Uit illegale bron. Toch geen hitlijst met ‘gestolen’ liedjes. Muziekzender TMF ziet af van uitzenden van een controversiële hitparade. In de nieuwe hitlijst van TMF zouden downloads uit illegale bron worden meegeteld. Maar dat gaat na protesten niet door.”

Lees hier meer (NRC).

Doorgifte. De BBC en de Nederlandse kabelaanbieder Hertzinger strijden juridisch over het recht om het signaal van de Britse omroep via de kabel door te geven. (…) Hertzinger geeft ook de zenders BBC 1 en 2 door, en dat is tegen de zin van de Britse omroep. De BBC heeft een contract met de Vecai, de vereniging van Nederlandse kabelbedrijven, waarin de doorgifte van het signaal geregeld is. Hertzinger is echter geen lid van de Vecai en derhalve vindt de omroep dan ook dat dit bedrijf de zenders niet mag aanbieden.”

Lees hier meer (Tweakers)..

Termen. “However, if we don't want to call it "intellectual property" what should it be called? Here are some of the contenders that people toss out: Intellectual Monopoly: Popularized by economists David Levine and Michele Boldrin, who have a fantastic (and well worth reading) book called Against Intellectual Monopoly. (…) Intellectual Privilege: This one is being popularized by law professor Tom Bell, who is working on a book by the same title. (…) Imaginary Property: Another one that retains the "IP" designation, and is growing in popularity on some blogs. (…) Imposed Monopoly Privileges (IMPs) and Government-Originated Legally Enforced Monopolies (GOLEMs) (…) None of the Above.

Lees hier meer (Techdirt).

Inbreuk. “De veilingsite Allestekoop.com heeft een aangetekend schrijven ontvangen van een advocatenkantoor namens eBay.nl. Welk gruwelijk halsmisdrijf heeft Allestekoop.com dan op zijn geweten zult u zich wellicht afvragen. Het volgende is het geval: -Allestekoop maakt gebruik van het eBay beeldmerk en maakt daarmee inbreuk op de merkrechten van eBay, althans dat vindt eBay. -Ebay heeft ook geconstateerd (jawel) dat Allestekoop.com met hun website inbreuk maakt op auteursrechten van eBay. De layout en kleurstelling van de site zou eenzelfde totaalindruk geven als het auteursrechtelijk beschermde ontwerp van de eBay websites. Of dit alles maar even snel aangepast gaat worden.”

Leer hier meer (Emerce).

Vlaggen. “Het vlaggenproject rond de opening van De Beyerd, het museum voor grafische vormgeving in Breda, is geen sprake van plagiaat. Dat stelt Pictoright, de organisatie die het auteursrecht van kunstenaars beschermt.  Vorige week ontstond ophef rond het concept dat kunstenaar Teun Castelein had bedacht voor de opening van het museum. (…) Vollaerszwart schakelde de organisatie Pictoright in, die de auteursbelangen van kunstenaars beschermt. Onderzoek door een advocaat van die organisatie wijst inmiddels uit dat, hoewel er zeker overeenkomsten zijn tussen de plannen, ze toch te verschillend zijn om er een plagiaatzaak van te maken. Vollearszwart laat de kwestie daarom nu rusten.”

Lees hier meer (BN De Stem).

A money mountain. “The European Union has known its share of surpluses: wine lakes, butter mountains and so on. But an unwanted pile of money is a first. The total stands at around €300m ($460m) and is going up by over €1m a week. The pile is accumulating in Alicante, at the European trademark agency, OHIM, and its existence is revealed in the agency's latest annual report, published on March 6th.”

Lees hier meer (Economist).

Onderzoekscommissie. ‘De Tweede Kamer doet onderzoek naar de praktijk van het auteursrecht in Nederland. Mondjesmaat dringt iets daarvan door in de media. Tot nu toe gaat het daarbij vooral over de druk die bedrijven en instellingen zeggen te ervaren als zij auteursrechten moeten afdragen en over de bureaucratie waarmee dat gepaard zou gaan. Omdat het in de praktijk vooral de horeca is die klaagt, beperkt de blik van de parlementaire werkgroep auteursrecht zich tot beeld en geluid. Aan de minstens zo belangrijke vraag hoe het is gesteld met tekst wordt gemakshalve voorbijgegaan. Daardoor blijft onopgemerkt wie het zijn die daar in de knel komen: niet de betalingsplichtigen maar de auteurs die individueel een recht hebben op vergoeding.”

Lees hier meer (De Nieuwe Reporter).