Door politie-striping exclusief te houden
Vzr. Rechtbank Zutphen 13 maart 2012, KG ZA 12-24 (Staat der Nederlanden tegen Globe Holding) - LJN BV8590 - persbericht
Uitspraak ingezonden door Sikke Kingma, Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn. Persbericht ingezonden door Globe Holding.
Auteursrecht op striping. De staat heeft in 1992 een extern bureau opdracht gegeven om een huisstijl te ontwerpen. De auteursrechten zijn onder voorbehoud ex 15b Auteurswet (door of vanwege de openbare macht) overgedragen aan de staat. Globe Holding heeft voor haar beveiligingsbedrijf striping aangebracht op haar vervoersmiddelen in de kleuren blauw en geel. Zij heeft daarbij afwijkende kleuren gebruikt en bovendien staat haar bedrijfslogo op de achterkant en de zijkanten.
De voorzieningenrechter verbiedt de eigenaar van het beveiligingsbedrijf om de auteursrechtelijk beschermde politiestriping te verveelvoudigen op zijn bedrijfsauto’s. De stelling dat er sprake is van willekeur wordt niet gevolgd. De Staat is succesvol in en buiten rechte opgetreden tegen een aantal van de genoemde voorbeelden. Ook andere voorbeelden vertonen duidelijke verschillen met de auteursrechtelijk beschermde striping van de Staat.
4.4. Hoewel er tussen de beide stripings inderdaad verschillen bestaan, stemmen de totaalindrukken zodanig overeen dat de (...) gestelde vraag voorhands bevestigend dient te worden beantwoord. Bij alle voertuigen is sprake van tweekleurige, (even) schuin geplaatste strepen van een vergelijkbare dikte met een horizon op een witte achtergrond. De strepen op de voorzijde van de voertuigen vormen tezamen een V. Van belang is met name dat de strepen in het ontwerp voor de politie volgens een dusdanig ingewikkeld patroon zijn aangebracht dat niet kan worden verwacht dat het publiek de betrekkelijk kleine verschillen tussen beide stripings zal opmerken, zodat er gevaar voor verwarring te duchten valt. Het feit dat de kleuren zoals gebruikt door gedaagde - geel met blauw - afwijken van de kleuren zoals gebruikt door de Staat - rood/oranje met blauw - en daarnaast het logo van Globe Holding op de voertuigen is afgebeeld, doet niet af aan nabootsing van de politie-striping en het bestaan van verwarringsgevaar. Van het publiek kan immers niet worden verwacht dat het zo vertrouwd is met de kleuren die politievoertuigen voeren dat deze afwijkingen terstond zal opmerken. Bovendien is gebleken dat bij andere overheidsdiensten soortgelijke huisstijlen - met inbegrip van stripings - worden gevoerd in andere kleuren dan die, welke de politie gebruikt.
4.5. Globe Holding wordt in haar stelling, dat sprake is van willekeur omdat er heel veel auto's met soortgelijke stripings rondrijden waar de Staat niets aan doet, niet gevolgd. De Staat heeft de stelling onderbouwd betwist. Van de zijde van de Staat is ter ziting gereageerd op een grroot aantal van de door Globe Holding overlegde foto's van voertuigen met stripings. Van een aantal daarvan heeft de Staat onbetwist gesteld dat de stripings naar aanleiding van sommaties reeds zijn verwijderd of aangepast. Van andere voorbeelden heeft de Staat onbetwist gesteld dat deze - met thans circa 140 andere zaken - nog in behandeling zijn. De Staat heeft daarbij verklaard dat niet in alle gevallen wordt geprocedeerd omdat in veel gevallen de stripings al worden verwijderd of aangepast na sommatie. Van andere voorbeelden heeft de Staat uitgelegd waarom deze door duidelijke verschillen niet in strijd zijn met het auteursrecht. De staat heeft onweersproken gesteld in die gevallen geen actie te ondernemen, maar in alle - hem bekende - gevallen hard op te treden en daar net zo lang mee door te gaan als nodig is om de inbreuk te stoppen. Dat de Staat bij het optreden tegen litigieuze stripings willekeurig te werk gaat, wordt daarom niet gevolgd.
4.6. (...) Juist door politie-striping exclusief te behouden voor de politie door op te treden tegen inbreuk op het auteursrecht kan de Staat bewerkstelligen dat die betrouwbare en optimale herkenbaarheid van die striping voor de politie gehandhaafd blijft, hetgeen van groot belang is voor het functioneren van de politie.
Zie ook site: politiestriping.nl.
Aanbestedingsprocedure. Auteursrecht.
Uitspraak ingezonden door Jules De Keersmaecker,
Kunst & Recht. In navolging van eerder tussenvonnis (zie IEF
Auteursrecht. Werkgeversauteursrecht. Tussen partijen heeft een arbeidsovereenkomst bestaan op grond waarvan [gedaagde] de functie van 'Principal Educational Services' heeft bekleed. Hieraan is later een relatiebeding toegevoegd. BCM vordert dat gedaagde staakt met de uitgave van het pocketboek
Auteursrecht. Film. Zekerheidsstelling. X vordert staking van inbreuk op auteursrecht toebehorend aan de producent van de film 'Blue'. X stelt dat de producent hem heeft gevolmachtigd om in eigen naam op te treden. Artikel 224 lid 1 Rv bepaalt dat een partij zonder woonplaats of gewone verblijfplaats in Nederland op vordering van de wederpartij verplicht is zekerheid te stellen voor de proceskosten en de schadevergoeding tot betaling waarvan hij zou kunnen worden veroordeeld, tenzij er sprake is van één van de uitzonderingen zoals vermeld in artikel 224 lid 2 aanhef en onder a tot en met d Rv. X heeft GBA-uittreksel overlegd en dient geen zekerheid te stellen. Echter X zou eerder op een kennelijk onbekend adres zijn ingeschreven en dient om die reden al veroordeeld te worden in de nodeloos veroorzaakte proceskosten in dit incident. Deze beslissing wordt aangehouden.
Eindvonnis na IEF
Een bijdrage van Dirk Visser,
In navolging van eerdere
Auteursrecht. Naamsvermelding. Gewone licentievergoeding. Een artikel van de Telegraaf inclusief foto daarbij is door ATC overgenomen op eigen site. Dit is gebeurd zonder de naamsvermelding over te nemen. De [eisende partij] vordert uiteindelijk op dit punt 150 % van de gederfde licentievergoeding, begroot op een bedrag van € 395,00. De kantonrechter overweegt dat de algemene voorwaarden van de NL Fotografenfederatie nimmer overeengekomen is, maar omdat er wel schade is deze op grond van 6:97 BW te begroten. Daarom ziet de kantonrechter aanleiding aan te sluiten bij de gestelde licentievergoeding ad €225. Voor het ontbreken van een naamsvermelding zal de kantonrechter eenzelfde bedrag toekennen.