DOSSIERS
Alle dossiers
Gepubliceerd op maandag 26 januari 2026
IEF 23237

Commissie auteursrecht adviseert over gevolgen ONB-arrest voor fictief makerschap in de Auteurswet

Commissie auteursrecht - Advies aan de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid over de gevolgen van het arrest ONB voor het Nederlandse systeem van fictief makerschap

De commissie auteursrecht heeft de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid geadviseerd over de gevolgen van het arrest ONB [IEF 22588] voor het Nederlandse stelsel van fictief makerschap in artikel 7 en 8 Auteurswet. In dat arrest oordeelde het Hof van Justitie dat een wettelijke regeling die voorziet in een automatische overgang van uitsluitende rechten zonder voorafgaande toestemming van de rechthebbenden in strijd kan zijn met het Unierecht. De Commissie wijst erop dat uit de rechtspraak van het Hof volgt dat het begrip “auteur” een autonoom Unierechtelijk begrip is, dat in beginsel ziet op de natuurlijke persoon die het werk heeft gecreëerd. Tegen die achtergrond acht de Commissie het aannemelijk dat het Unierecht weinig ruimte laat voor nationale regelingen die een ander, met name een rechtspersoon, als maker aanwijzen en het auteursrecht oorspronkelijk bij die ander laten ontstaan.

De Commissie schetst drie mogelijke scenario’s voor aanpassing van de Auteurswet: (i) handhaving van art. 7 en 8 Aw met aanvullende waarborgen, waaronder expliciete toepassing van het auteurscontractenrecht op feitelijke makers, (ii) herformulering van art. 7 en 8 Aw tot een (weerlegbaar) vermoeden van overgang van auteursrecht, waarbij het auteursrecht oorspronkelijk bij de maker berust, of (iii) volledige afschaffing van art. 7 en 8 Aw, zodat overdracht uitsluitend contractueel plaatsvindt. Welke optie ook wordt gekozen, de Commissie benadrukt dat expliciet aandacht moet worden besteed aan de aanspraak op en verdeling van wettelijke vergoedingsrechten (zoals thuiskopie-, leen- en reprorechtvergoedingen) en aan de samenloop met het modellenrecht. Gezien de bestaande Unierechtelijke onzekerheden adviseert de Commissie primair in te zetten op nadere Europese regelgeving en nationaal slechts zorgvuldig afgewogen en toekomstbestendige keuzes te maken.